Tell, don't show, editie 5: Tahrir van Barry Smit

Tell, don't show, editie 5: Tahrir van Barry Smit


Tell, don't show: om de week een roman (of dichtbundel) in tien quotes, die alles zeggen over stijl en zeggingskracht van het boek – no spoilers. Deze week Tahrir van Barry Smit, verschenen bij Uitgeverij Atlas/Contact, anno 2015. 

 

1

In Caïro stormden mannen en jongens op paarden en kamelen het overvolle Tahrir-plein op en hakten met lange stokken in op de menigte demonstranten. In Amsterdam staarde ik naar mijn laptop, gaf een klap op mijn bureau en vervloekte de ruiters, die al snel van de steigerende dieren werden afgetrokken om te worden afgetuigd. De palm van mijn hand brandde. (9)

 

2

Zo'n anderhalf uur later - het zal een uur of tien zijn geweest - zette een taxi ons af op de zuidelijke punt van het Gezira-eiland. We liepen over de Qasr al Nile-brug in de richting van het Tahrir-plein, dat we tot dan toe alleen van de tv kenden. De brug bestond uit twee brede stroken voor auto's tussen hoge stoepen die werden gebruikt als promenade. Honderden mensen maakten een avondwandeling in het lantaarnlicht. Kleuters hingen aan de lange jurken van hun moeders, peuters sliepen in buggy's of jengelden juist om aandacht, vaders staarden in de verte. Venters verkochten gepofte aardappels en bekers thee vanaf handkarren, die om de tien meter aan de rand van de stoep op de weg stonden. Jonge stelletjes keken uit over het water en raakten elkaar af en toe voorzichtig aan als ze dachten dat niemand het zag. Mannen en jongens steunden met hun onderarmen op de sierlijke stenen brugleuning, tuurden naar de puntjes van hun hengels en rookten sigaretten. Aan de kade, twintig meter onder de brug, lagen lege feestboten vol rode, blauwe, gele, paarse en groene lampjes. Er kwam knetterharde electro chaabi, Arabische house, uit de kajuitjes. Alle speakers waren opgeblazen. Aan het eind van de brug stonden metershoge voetstukken met daarop enorme stenen leeuwen. Een ervan had een zwarte ooglap gekregen: een symbool van de revolutie sinds de oproerpolitie met rubberkogeltjes op gezichtshoogte was gaan schieten, en tientallen jongeren aan één of twee ogen blind werden. (32/33)

 

3

Na zijn verhaal liepen we langzaam terug naar de taxi's. We maakten foto's van spandoeken die langs de weg hingen. 

'Dat zijn de woorden vrede en vrijheid en dat is een oproep tot Arabische eenheid,' zei Maryam. 'En daar staat een heel verhaal, maar de kern is: alles wordt beter, in Egypte en in de regio.'

Aan een lantaarnpaal bungelde een galg met een levensgrote pop. Op de buik was een blauwe davidster geschilderd.

'Het kiesstelsel is net gewijzigd,' zei een liberale cursiste. Iedereen ging net weer zitten voor het middagprogramma. 'Het decreet staat op Facebook.'

De halve zaal logde in en begon te discussiëren. Ik vroeg Maryam of ik het wel goed begreep.

'We worden geregeerd via de Facebook-pagina van de legerleiding,' zei ze. 'Een statusupdate is de wet.' (39/40)

 

4

Aan het einde van de cursusdag, na het nemen van de groepsfoto en het uitwisselen van contactgegevens, liep ik langzaam de trap op naar de tiende verdieping, waar mijn kamer zich bevond. Ik keek achterom en zag Maryam mij aarzelend volgen, op een meter of tien. Bij mijn deur wachtte ik een tel, zag haar om zich heen kijken en op mij af lopen. We omhelsden elkaar en zoenden zoals je dat doet als je in de ander op wilt gaan. Na een paar tellen stak ik de sleutelkaart in de deur en leidde haar de kamer binnen. We zwegen, zoenden en tastten elkaars lichaam af, maar zodra ik voorzichtig aan de knoopjes van haar blouse begon, zette ze de rem erop. (64)

 

5

Ik zag het plein en dacht aan de Beierse bierkelders van de jaren twintig. Dit islamistische imperialisme was toch het nieuwe fascisme? Dan is zo'n bijeenkomst toch geschiedenis in wording, daar wil je toch bovenop staan, al is het maar voor een paar minuten? Maar inderdaad: waar kon ik heen als er wél iemand hysterisch werd en moeilijk ging doen?

Ik keek naar de rustig keuvelende mannen die een plek in de schaduw van de bomen zochten en dacht na over de opties die we hadden om met deze ideologie om te gaan. Was er een andere mogelijkheid dan een smerige oorlog voeren tegen deze oprukkende haatbaarden? Het was toch geen optie om vanuit Europa tegen Egyptenaren en Libiërs en Syriërs te zeggen dat ze het vooral zelf uit moesten zoeken, terwijl Saoedi's en Qatari miljarden investeerden om hun achterlijkheid op te leggen? We konden ons eigen handen schoonhouden, maar zouden daarmee grote delen van de wereld uitleveren aan deze handafhakkers en koppensnellers. Misschien waren we toch te naiëf geweest en hadden we de Mubaraks en Assads juist in het zadel moeten houden om dit grotere kwaad eronder te houden? (98/99)

 

6

We lipen door een rustige, zonovergoten straat en slalomden langs enorme palmbomen die her en der midden op de stoep stonden, alsof ze er waren geplant om zo veel mogelijk te hinderen. Ze vertelde dat haar broer steeds vaker met haar en hun ouders botste. Ze waren verwesterd, was de kern van zijn verwijt. Zijn geloof verbood hem zijn ouders minder dan het hoogste respect te betuigen, maar hij werd steeds brutaler. Hij vond het onbegrijpelijk dat hun ouders Maryam niet dwongen om weer naar huis te komen en haar als vrouw alleen lieten wonen. Hij had hun ronduit gevraagd waarom ze Maryam nooit waardig hadden gekleed en haar niet hadden laten besnijden. Ze waren ontploft, en Maryam ook, nadat haar moeder haar had bijgepraat. 

'Waar haalt die klootzak het recht vandaan zich met mijn lijf te bemoeien? Het is ziekelijk. En besnijdenis is niet eens islamitisch.' (119/120)

 

7

'We  hadden de keuze tussen een baard en een boef,' mailde Maryam eind juni, kort nadat de kandidaat van de Moslimbroeders, Mohamed Morsi, was uitgeroepen tot winnaar van de presidentsverkiezingen. De hele revolutie was volgens haar voorbij geweest als Ahmed Shafiq, de kandidaat van de oude macht, had gewonnen. Met de grootst mogelijke tegenzin had ze op de Moslimbroeder gestemd. 'Mijn broer zal wel hebben gehuild van vreugde.' (135)

 

8

Waleed kwam al snel binnen, stelde zich glimlachend voor, wrong zijn forse lijf tussen de armleuningen van een stoel en begon aan een uitwisseling van beleefdheden. Ik hield het kort, gaf hem de envelop met geld, zei dat ik een volgende afspraak had en dat ik er daarom weer vandoor moest. 

Hij bracht me naar de lift, en in een halve seconde zag ik door een ruit in een deur Maryam in gesprek met een groep vrouwen. 

Buiten speurde ik vanachter mijn zonnebril de strraat af om te zien of Mohamed zich hier ergens ophield, maar ik zag niemand, sloeg de hoek om en moest een beetje lachen om mijn paranoia.

Nadat ik misschien vijftig meter had gelopen stapten twee mannen uit een auto en gingen voor me staan. Twee andere mannen doken op uit een portiek schuin achter me. Ze waren alle vier nogal groot voor Egyptenaren, droegen allemaal een snor en waren gekleed in goedkope pakken.

'Meneer, wilt u met ons meekomen?' vroeg een van hen in het Engels. 'We hebben enkele vragen voor u.'

 

9

Wat de fuck deed ik hier nog? Ik kwam het land helpen, maar de revolutionairen waren hopeloos verdeeld, de islamisten werden steeds agressiever, het leger trok achter de schermen nog steeds aan de touwtjes, en ik werd geïntimideerd door weet ik veel wie. Misschien was de keuze wel tussen seculier fascisme en religieus fascisme en moesten wij, buitenstaanders, inderdaad onze handen ervanaf trekken en afwachten wat de uitkomst zou zijn. Misschien verdienden ze ons interesse ook niet, met hun focking achterlijk idee dat iedere buitenlander waarschijnlijk een spion of zionistische infiltrant was. Waarom zouden wij hier nog geld en tijd insteken? Het hele Midden-Oosten was een slangenkuil en ze maakten er zelf een steeds grotere bende van. Hoe meer ik me erin verdiepte, hoe minder duidelijk alles werd. Was dat dan wijzer worden: de wereld steeds beter niet begrijpen? (176)

 

10

De taxi zette me af aan het eind van de Qasr al Nile-brug. Het laatste deel wilde ik lopen in een poging mijn hoofd tot rust te brengen. Ik liep door het parkje lang de oever aan de oostzijde van het eiland en probeerde orde te scheppen in mijn knetterende gedachten. Tessa had gelijk: ik moest keuzes maken.

Met nog zo'n tweehonderd meter te gaan hield het park op en voegde de stoep zich bij de weg. Ik liep twee blokken verder en wilde oversteken naar de straat van het appartement, maar zag achter me een schim de bocht om komen, die ik meteen herkende, en ik vloekte binnensmonds. Ik stak niet over en bleef langs de oever van de Nijl lopen, want ik had geen zin om hem naar mijn voordeur te leiden. Ik merkte hoe stil het eigenlijk was. Er was vrijwel niemand op straat aan deze kant van het eiland. Het was alsof de wereld zich had teruggetrokken achter de gevels en zei: Het is aan jullie. (201/202)

 

 

Meer weten over Barry Smit en Tahrir? Check www.barrysmit.com.

Gepost op: 2015-08-04 in: boeken

Recente posts

OvG @Twitter

Featured posts